Selecteer een pagina

De koude dagen komen er weer aan en het kan daarom fijn zijn om een muts te dragen. Om je hoofd en je oren lekker warm te houden is een muts een must! Je kunt naar de winkel gaan om een muts te kopen, maar het is natuurlijk een stuk leuker om zelf je muts te breien! Een muts breien hoeft helemaal niet moeilijk te zijn

Wat heb je nodig?

1. Breinaalden

Je hebt breinaalden in allerlei maten en diktes; de maat heeft effect op hoe je breiwerk eruit gaat zien. Een rondbreinaald is het fijnst voor dit patroon.

  • Een 5 mm naald is een prettige dikte. Alle maten onder de 6 mm zijn ook prima.
  • Je kunt naalden zonder knop gebruiken, maar deze zijn vaak handiger voor kleinere projecten zoals sokken. Een rondbreinaald werkt voor dit project het best.
  • Je hebt een stopnaald of een haaknaald nodig om je werk af te hechten.

2. Wol

Denk vast na over wat voor soort muts het moet worden, voordat je wol kiest. Je hebt maar één bol wol nodig en je doet er goed aan om voor een wat dikkere draad te kiezen.

  • Katoen rekt niet zo makkelijk mee en is niet zo warm als wol.
  • Als dit een van je eerste projecten is, brei dan niet met een te dunne draad. Dikke wol is makkelijker breien en je bent sneller klaar.
  • Kijk goed op het etiket hoeveel meter er op de bol zit, zodat je in elk geval genoeg hebt voor je muts.
  • Gebruik je dikke wol, dan heb je tussen de 115 en 183 meter nodig; met een dunnere draad tussen de 137 en 275 meter.

3. Andere materialen

Denk hieraan een schaar, steekmarkeerders (veiligheidsspelen kunnen ook) en een meetlint.

4. Meet de omtrek van je hoofd

Sla deze stap niet over! Je moet exact weten hoeveel steken je moet opzetten om te zorgen dat de muts precies past. Je wilt straks natuurlijk geen poppenmutsje of een muts in de vorm van een emmer.

  • Meet de omtrek van je hoofd.
  • Ga je de muts cadeau geven dan kun je uitgaan van een gemiddelde omtrek van 56 cm voor een volwassene.
  • Maak een proeflapje. Meet en schrijf op hoeveel steken je per centimeter breit.
  • Vermenigvuldig vervolgens de afmeting van de omtrek van je hoofd met de hoeveelheid steken per centimeter. (Bijvoorbeeld: 56 cm maal 1,5 steek per centimeter is 84 steken). Dat is het aantal steken dat je moet opzetten.
  • Het kan handig zijn om het aantal steken af te ronden naar een getal wat je door acht kunt delen. Dit maakt het minderen voor het puntje van de muts makkelijker.
  • Rond af naar beneden; wol rekt makkelijk mee, maar krimpt niet zo snel.

 

Breien

1. Opzetten

Nu komt de uitkomst van je berekening hierboven goed van pas. Zet de benodigde hoeveelheid steken op (in het voorbeeld was dat 84 steken).

Als je nog nooit hebt gebreid of met een rondbreinaald hebt gewerkt, leer dan eerst de basistechnieken en kijk op internet voor meer tips en instructies.

2. Verbind de eerste en de laatste steek in een cirkel

Door het gebruiken van een rondbreinaald is dit heel makkelijk. Wees voorzichtig dat je het werk niet draait. Je kunt dat niet meer herstellen. Als je niet voorzichtig bent, moet je weer helemaal opnieuw beginnen. Je krijgt dan waarschijnlijk niet iets wat op een muts lijkt.

 3. Breien maar!

Nu is het een kwestie van door breien. Pas je muts tussendoor om in te schatten hoeveel rondjes je nog moet breien.

Door het patroon krijg je een randje dat een beetje omkrult. Je moet dus nog iets langer door breien om de muts groot genoeg te maken.

Afkanten

1. Start met minderen

Door goed op te letten bij het minderen, past de muts straks precies op je hoofd. Heb je het nog nooit gedaan, zoek dan eerst op internet voor instructies en video’s.

  • Plaats om de 8 steken een steekmarkeerder.
  • Brei tot twee steken voor elke steekmarkeerder en minder één steek (zo noem je het als je twee steken samen breit).
  • Blijf rondbreien in dit patroon, je mindert elke 8 steken 1 steek.
  • Na een paar rondjes minderen, zul je zien dat de bovenkant van je muts kleiner en kleiner wordt. Je kunt een kleinere naald gebruiken, dat maakt niets uit voor je werk.

 2. Knip de draad af

Als je 4 steken over hebt op je naald, dan ben je klaar. Knip je draad af, maar houd genoeg ruimte over om af te werken. Ongeveer 38-50 cm is genoeg. 

 3. Verwijder de naald

Met een stopnaald of haaknaald trek je de draad door de 4 overgebleven steken. Trek de draad aan en sluit de bovenkant van je muts af. Als je de losse draad door de steken hebt gehaald, verwijder je de naald.

 4. Werk de draad weg

Trek de losse draad met een haaknaald door de bovenkant van de muts naar beneden. De draad zit nu aan de binnenkant van de muts.

  • Knip de draad af tot ongeveer 5 cm. Met een stopnaald weef je de overgebleven draad in de lengte tussen de steken van je muts door. Je draad blijft zo goed zitten en je ziet geen naad.
  • De startdraad werk je ook weg op deze manier.

 5. Klaar!

Je hebt nu je muts netjes en mooi afgewerkt en ben je klaar!

Wil je beginnen met breien? Lees dan ook ons andere blog over hoe leer je breien. Weet je al hoe je moet breien? Lees dan ons andere blog over steek van de week #1.

Op onze website breiwinkeltje.nl kun je verdere inspiratie vinden over breiwerken. Om je te inspireren! Blijf onze website in de gaten houden om zo altijd mooie inspiratie te krijgen over breiwerken.